Recensie: Corpus Britney - een bizarre horrortrip
Belgische dichter Dominique de Groen houdt zich niet in met haar debuutroman. De cover, een digitaal gerenderd en bizar muterend lichaam tegen een pastelroze- en blauwe achtergrond, belooft iets kleurrijks maar onheilspellends, iets ongrijpbaars. En dat maakt De Groen met ieder woord waar.
Malayney Melkzuur is Paranormaal Detective. In de normale, beklemmende wereld ziet zij de barsten, breekpunten en alle plekken waar het lekt: geesten, visioenen, bizarre wezens en hallucinaties spoken om haar heen via een overlappende cyberspace waar niets is wat het lijkt. Ze wordt benaderd om op zoek te gaan naar B-Horroractrice Bella Goth (ja, zoals dat personage uit De Sims), die als twee druppels water op Britney Spears lijkt en na een draaidag spoorloos is verdwenen. Malayney's queeste brengt haar door allerlei (digitale) tijdperken, werelden, landen, langs digitale ruïnes en popcultuuralgoritmes die meer spoken dan daadwerkelijke geesten. Corpus Britney is, op z'n kortst gezegd, een trip.
Een culthit on arrival
Bij het lezen van Corpus Britney voel je het meteen: dit is nu al een cultfenomeen. De Groen is een schrijver en dichter die zich altijd al bezig heeft gehouden met digitale werelden en fenomenen, popcultuur en de algoritmes van het heden. Gecombineerd met meer gebruikelijke horrorelementen als geesten, hallucinaties, moorden en mutaties en het constante gevoel dat er iets Heel Erg Mis is, is Corpus Britney nieuwe horror als geen andere. Het boek neemt je via Malayney mee langs verschillende tijdperken en personages die uiteindelijk allemaal weer samenkomen en overlappen als een trippy puzzel waarvan het eindbeeld niet logisch of duidelijk is, maar wel compleet. Het is een ontzettend lichamelijk boek. Muterende of gemutileerde lijven passeren constant de revue, terwijl het boek verder een lichte, poppy toon aanhoudt, ondanks de intellectuele taal en lange, meanderende zinnen.
Uncanny valley
Wat het boek zo meeslepend maakt, is het feit dat ieder personage en ieder persoon zich nét niet als een persoon gedraagt, op een paar uitzonderingen na. De toon, die op en neer schiet tussen absurdistisch en afstandelijk, haast onverschillig, laat de personages de vreemdste dingen meemaken: een onmogelijk groot, steeds uitbreidend doolhof van kratten en tonnen vol rum in het ruim van een schip; een bezeten steen die bij het vastpakken vlezig en zacht wordt en bloed opzuigt; een viaduct dat versplintert en midden in de lucht ophoudt, omringd door geesten uit de Industriële Revolutie. De personages reageren erop alsof ze erover lezen op het internet, niet alsof ze het echt meemaken: afgezwakt, met half aandachtige gevoelens van interesse. Ze lijken nooit enorm verbaasd dat hen zoiets bizars overkomt. Het hoort bij de logica van hun wereld. Als onvolledige kopieën van een echt mens bewegen ze zich door een absurde fysieke context, een echte uncanny valley. Het klopt, maar ook niet. Ze reageren menselijk, maar ook helemaal niet. En juist daarin zit hem dat onontkoombare gevoel van onheil en paniek: als ze hier al zo rustig op reageren, wat moet er dan gebeuren om ze écht van hun stuk te krijgen?
Aan het werk
Je krijgt de culthit niet cadeau. Er gebeuren genoeg bizarre en mysterieuze dingen om de lezer aan de lijn te houden (de online conspiracy theories vliegen je om de oren, perfect afgewisseld met zelfbewuste bezeten schapen en in stukken gehakte cheerleaders), maar De Groen is een poëtische en intelligente schrijver. De zinnen zijn lang, meanderen, maken bochten en keren terug, ze schuren tegen een stream of consciousness aan. Het taalgebruik is rijk, wisselend tussen poëtisch en Engels-Nederlandse internet-speak, en zet de lezer met opzet constant op het verkeerde been. Je krijgt constant stukjes puzzel aangereikt in de vorm van een perfecte kopie van Britney Spears en bloederige Sims 4-deep dives, maar het eindplaatje is onduidelijk. Het boek zet je als lezer aan het werk. Het is geen luchtige zomer-horrorpulp, ondanks de pulpy boekcover en de eindeloze verwijzingen naar De Groens indrukwekkende kennis van popcultuur. Onder de zweterige, bloederige laag digitale glitter huizen belangrijke reflecties over onze digitale roddelcultuur, ethiek in algoritmes, de macht van kapitalisme en wat een persoon van een concept onderscheidt. Voor wie wil, is het er.
Niet voor iedereen
Zoals wel vaker bij culthits, is dit niet een boek voor iedereen. Vooral voor de generatie die de internetcultuur van de jaren 2000 actief heeft meegekregen of voor iedereen die daar interesse in heeft, is dit een droomhorrorboek. Corpus Britney lezen is alsof je met LSD op en door een roze bril een extra bloederige en erotische parodie van Scream kijkt terwijl er ook een door AI gegenereerde NRC-podcast over Y2K-cultuur opstaat. Voor wie het snapt, is het de trip van de eeuw. Het is in ieder geval het proberen waard.
Waardering: 5 van 5 sterren
Corpus Britney is bij verschillende boekhandels en online (web)winkels verkrijgbaar en kost € 28,00.
Meer over: Boeken, Recensies