Recensie: The Stand (2020)

Stephen King-adaptaties zijn weer helemaal in de laatste jaren! De king of horror is zelfs de meest verfilmde auteur ter wereld, met meer dan 50 films en series die gebaseerd zijn op zijn werk. De nieuwste op de stapel is een nieuwe serie van The Stand, een van zijn meest geliefde en tevens een van de langste boeken van zijn carrière. The Stand werd eerder in 1994 voor het eerst verfilmd als miniserie, maar nu is er dan eindelijk een moderne adaptatie (die midden in de Coronacrisis toch wel érg dichtbij komt). We doken erin om ons oordeel te vellen!

The Stand is Stephen King’s epische verhaal van een strijd tussen goed en kwaad in post-apocalyptisch Amerika. Wanneer een dodelijk virus ontsnapt uit een legerbasis en zich in korte tijd wereldwijd verspreidt, blijven er slechts een klein aantal overlevenden over. In de nasleep van de chaos voelen ze zich langzaam naar twee fronten getrokken: die van de hoogbejaarde Mother Abagail (Whoopi Goldberg) in Colorado, en die van de demonische Randall Flagg (Alexander Skarsgard) in Las Vegas. Wanneer de overlevenden bij elkaar komen en vrienden en vijanden maken, komt de dreiging van een ultieme confrontatie steeds dichterbij.

Alexander Skarsgard als Randall Flagg

The Stand bestaat uit 9 afleveringen van ongeveer een uur. Anders dan bij de originele miniserie is er gekozen voor een niet-chronologische manier van vertellen; het verhaal begint ongeveer halverwege het boek, wanneer de apocalyps zich al heeft voltrokken en de overlevenden al hun gemeenschap in Colorado hebben gesticht. De voorgaande gebeurtenissen worden verteld via flashbacks; een format wat bijvoorbeeld aan de serie Lost doet denken.

De makers hebben dus een nieuwe draai aan het verhaal gegeven, maar de uitvoering ervan is twijfelachtig te noemen. De eerste paar afleveringen van The Stand voelen rommelig en ongefocust; er zijn zoveel sprongen in de tijdlijn dat het ook voor mij als lezer van het boek moeilijk was om te volgen. Veel belangrijke interacties en momenten gebeuren offscreen of in een flashback, wat het verhaal niet ten goede komt. Je voelt ten slotte weinig spanning als je toch al weet dat iedereen erna veilig en wel is. Later in de serie verbetert dit en wordt de rest van het verhaal lineair verteld, maar het is een slechte start die geen goede eerste indruk geeft.

Jovan Adepo en James Marsden als Larry Underwood en Stu Redman

Natuurlijk is het geen eitje om een boek van zo’n 1300 pagina’s te verfilmen, en is het begrijpelijk dat bepaalde delen het script niet halen. Maar als de serie uit 1994 in 6 uur het verhaal redelijk samen wist te vatten, zou deze versie dat in 9 uur natuurlijk ook moeten kunnen. En dat is niet helemaal gelukt. Meerdere verhaallijnen en personages blijven onderontwikkeld, waardoor veel interacties en gebeurtenissen niet de dramatische impact hebben die ze moeten.

Ik vind het wel van belang om aan te geven dat dit probleem niet bij de cast ligt. Het acteerwerk in The Stand valt namelijk weinig op aan te merken, met Owen Teague als de sociopathische Harold Lauder die er als absoluut hoogtepunt uitspringt. Als er één ding is dat de 2020-versie beter doet dan de 1994-versie, is dit het wel. Het zijn echter het script en wellicht de regie die het geheel rommelig aan doen voelen en veel van de character development ondermijnen. Enkele significante personages zijn zelfs zo naar de achtergrond geschoven dat het bijna geen hoofdpersonen meer te noemen zijn, met name Henry Zaga’s Nick Andros en Ezra Miller’s bizarre Trashcan Man.

Owen Teague als Harold Lauder

Terwijl ik The Stand geen ramp zou noemen, zijn er toch veel twijfelachtige creatieve beslissingen gemaakt die moeilijk te verantwoorden zijn. Ondanks het prima acteerwerk slaagt het geheel er niet in om het gevoel van een epische strijd tussen goed en kwaad goed over te brengen. Ook de apocalyptische setting is nauwelijks geloofwaardig; personages zien eruit alsof ze net uit de salon zijn gestapt, met keurige kapsels en schone kleren. Na de eerste paar afleveringen vergeet je zelfs snel dat er ooit een apocalyps geweest is, en lijkt het “kwade” Las Vegas zelfs helemaal niet zo’n verkeerde plek om je tijd door te brengen.

Conclusie: The Stand valt tegen, en dat is erg jammer. De cast is meer dan getalenteerd genoeg en doet duidelijk zijn best, maar het script en vooral de niet-chronologische manier van vertellen doen het verhaal geen recht. Dit is helaas een van de minder goede King-adaptaties te noemen. Desondanks heeft de serie ook goede elementen, en zullen kijkers die het boek niet gelezen hebben er wellicht minder kritisch over zijn. Maar het cliché luidt nog steeds: het boek is beter!

Sterren: 2.5 / 5

De serie is nu in Nederland te zien via StarzPlay (via Amazon Prime en Apple TV)

💬 Geef je mening in de reacties of deel je dit bericht? 🤩

Daniel Broek

Gepassioneerd over alles op het gebied van horror, sci-fi en fantasy in film, literatuur, gaming en meer. "The oldest and strongest emotion of mankind is fear, and the oldest and strongest kind of fear is fear of the unknown." - H.P. Lovecraft

1 gedachte over “Recensie: The Stand (2020)”

  1. Deze recensie is wat mij betreft nog veel te positief. Man, man, man, wat vond ik het een miskleun. Ik heb het mijzelf dan ook niet aangedaan om de hele serie te bekijken. Na drie afleveringen had ik niet meer het gevoel dat het beter zou worden en ben ik gestopt.
    Het boek is een echte King klassieker. Alle thema’s van King zitten er in en uiteindelijk is het een ultieme strijd tussen goed en kwaad. Maar als je dan Goldberg cast als Abigail en Skarsgard als Flagg, dan heb je het al niet begrepen. Ze komen echt geen van beide goed over als de ultieme vertegenwoordigers van goed en kwaad.

    En dan de scenarioschrijvers die , zoals meestal bij King verfilmingen, zichzelf veel beter vinden dan dat ze werkelijk zijn. Hoe komen ze er op het hele verhaal van de meester naar eigen inzicht om te gooien en te veranderen? Wie denken ze wel niet dat ze zijn? Die non lineaire aanpak werkt gewoon niet. Als dat wel zo zou zijn had King dat zelf ook wel bedacht. De Engelsen hebben daar een mooie term voor: “Hubris”.
    Zagen we ook bij Under the Dome en GoT (ok, geen King, maar toch).

    Men vindt hier dat ik vaak te negatief ben over remakes, reboots en dat soort dingen. Maar ook nu blijkt maar weer dat nieuwer niet altijd beter betekent. Ik heb de originele miniserie weer bekeken en daar heb ik wederom van genoten. En het boek ligt weer op te “things to do (again)” stapel. Dat heeft deze miniserie me wel gebracht. Dat ik weer kan genieten van dingen die ik al heb 🙂

    Beantwoorden

Plaats een reactie